Regulier onderwijs

De stelling van sommige scholen is dat alle kinderen moeten op elke school welkom zijn. Daarom kiezen die scholen ervoor om zich niet te specialiseren. Deze aanpak betekent dat er juist kinderen uitgesloten worden. Als een reguliere klas van 30 niet lukt, moet het kind van school af. Vergelijkbaar met het dilemma categorale scholen of brede scholengemeenschappen. De rijksoverheid zegt dat elke leerling die baat heeft bij een brede brugklas die mogelijkheid in de regio moet hebben (zie Kamerbrief over Onderwijsontwikkeling voortgezet onderwijs Maastricht). Als de initiële schoolsoort dan niets voor dat kind blijkt te zijn, kan het kind op dezelfde school blijven. Om dezelfde reden vinden wij dat het bij een dekkend aanbod voor passend onderwijs hoort dat er in elke regio op reguliere scholen mogelijkheden zijn voor een kleinere klas of op momenten dat het nodig is trajectbegeleiding (uitwijkruimte met deskundige begeleiding).
Dit geldt lang niet voor alle kinderen die doorverwezen worden naar speciaal onderwijs. Reguliere scholen verwijzen door omdat ze zelf het passend onderwijs niet willen geven, niet omdat ze onderzocht hebben of de speciale school beter is. Er zijn namelijk allerlei nadelen van speciaal onderwijs die bij reguliere scholen niet zo bekend zijn. Zie Wanneer speciaal en wanneer regulier vo? Ook al is het op regulier ook niet ideaal, soms is dat toch beter dan speciaal onderwijs. Ondersteuning op de eigen school (inclusief onderwijs) is in de meeste gevallen beter, dan verwezen worden naar (Voortgezet) Speciaal Onderwijs, waar de klassen niet eens zo veel kleiner zijn en waar veel externaliserend gedrag niet bevorderlijk is voor het gevoel van veiligheid van de kwetsbare leerling.
In de Staat van het Onderwijs 2019 schrijft de onderwijsinspectie:
"In 2017 zagen we in het speciaal onderwijs (so) na jaren van daling weer een toename van het aantal leerlingen. Bij de start van schooljaar 2018/2019 hebben veel scholen voor speciaal onderwijs opnieuw met groei te maken. Ook op een groot deel van de scholen voor voortgezet speciaal onderwijs (vso) neemt het leerlingenaantal toe, maar het totaal aantal vso-leerlingen blijf licht dalen."
Onderwijsprofessionals wijzen er vaak op dat door Passend Onderwijs leerlingen te lang op de reguliere school blijven, waardoor de problemen erger worden, en dan alsnog naar speciaal onderwijs of voortgezet speciaal onderwijs worden doorverwezen. De theorie is dat als die leerlingen eerder doorverwezen zouden worden, dat dan de problematiek meer beperkt zou blijven. Dat zou een verklaring voor de stijging kunnen zijn, als er nu een inhaalslag gaande is en de reguliere scholen weer wel sneller naan het speciaal onderwijs verwijzen. Als dat klopt zouden we moeten zien dat de groei de komende jaren weer afneemt tot hetzelfde percentage als voor de invoering van Passend Onderwijs.

Ouders zien echter ook een andere verklaring: reguliere scholen hebben steeds minder ruimte voor leerlingen die afwijken van het gemiddelde. Doordat de norm waar je als leerling aan moet voldoen steeds smaller wordt (wellicht door grotere klassen en onvoldoende hulp voor de leerkrachten), verklaart een school zich steeds sneller "handelingsverlegen" en wordt de leerling naar het speciaal onderwijs doorverwezen.

Beide verklaringen zijn natuurlijk generalisaties en gelden niet voor alle scholen. Er is geen duidelijkheid wat de oorzaak daadwerkelijk is.

De groei is overigens niet specataculair en niet over de hele linie. Uit de Staat van het Onderwijs 2019:
"Niet alle scholen voor speciaal onderwijs hebben met groei te maken. Bij 130 van de 286 locaties is het leerlingenaantal in 2017/2018 afgenomen of gelijk gebleven. Bij de scholen met groei is er meestal sprake van een lichte toename van een tot tien leerlingen per school."
Nee. De Wet Passend Onderwijs schrijft voor dat er voor ieder kind een passende plek gezocht moet worden. Dat kan ook Speciaal (Basis) Onderwijs zijn. Maar als een kind op een school zit, dan heeft de school budget gekregen om eerst passende ondersteuning te binnen in de huidige setting. Pas als alle mogelijkheden benut zijn, kan er een verwijzing voor speciaal onderwijs worden aangevraagd. Helaas merken wij in de praktijk dat scholen vooraf aangeven “budget is op” (hoe kan dat?) en wordt ondersteuning in de praktijk niet of zeer minimaal ingezet. Zo krijgen kinderen geen kans, om met ondersteuning op de huidige school te blijven en worden ze heen-en-weer-gepingpongd tussen scholen.