Ondersteuning

Het gebeurt regelmatig dat als een leerling een vo-schooljaar niet haalt door sociaal-emotionele problematiek, school zegt dat hij/zij beter naar een lager niveau kan afstromen. Op het lagere niveau hoeven de leerlingen minder hard te werken voor de cognitieve vakken, maar de sociaal-emotionele problemen, die de hoofdoorzaak zijn, blijven hetzelfde of worden erger door het wegvallen van de vertrouwde omgeving. Geef de leerling de ondersteuning/aanpassing die nodig is op het hogere niveau, zodat het probleem niet erger wordt dan het al was.
Dit geeft een risico dat hierna de oude problemen weer terugkomen. Zomaar stopzetten van goed werkende ondersteuning is niet verstandig. Het is beter om te proberen of het langzaam afgebouwd kan worden, desnoods over een periode van jaren, en als blijkt dat het nog niet lukt, dan weer even een pas op de plaats. Vergelijk het met het geven van een bril aan een kind, daarna kan het weer scherp zien, dus het jaar daarop wordt geen bril meer vergoed. Dat zou toch ook raar zijn? Sommige ondersteuning is als een paar krukken dat niet meer nodig is als het been is genezen, andere ondersteuning is als een bril die elk jaar nodig is maar wellicht af en toe een andere sterkte moet zijn.
Scholen zijn geenszins van plan om te ‘adverteren’ betreft ondersteuning omdat ze bang zijn teveel ‘zorgenkinderen’ te trekken. Omschrijvingen van ondersteuning zijn daarom vaak vaag en onvolledig. Een schoolondersteuningsprofiel (SOP) wordt eens per 4 jaar gemaakt: als er in de tussentijd iets verandert, zijn ouders hiervan niet op de hoogte. Vaak blijkt de ondersteuning eenmaal op school, toch anders (of niet) georganiseerd te zijn dan in de SOP omschreven wordt. En mocht een kind pas op een later moment ondersteuning nodig blijken te hebben, heeft het niets aan een SOP gehad.
Dit geldt lang niet voor alle kinderen die doorverwezen worden naar speciaal onderwijs. Reguliere scholen verwijzen door omdat ze zelf het passend onderwijs niet willen geven, niet omdat ze onderzocht hebben of de speciale school beter is. Er zijn namelijk allerlei nadelen van speciaal onderwijs die bij reguliere scholen niet zo bekend zijn. Zie Wanneer speciaal en wanneer regulier vo? Ook al is het op regulier ook niet ideaal, soms is dat toch beter dan speciaal onderwijs. Ondersteuning op de eigen school (inclusief onderwijs) is in de meeste gevallen beter, dan verwezen worden naar (Voortgezet) Speciaal Onderwijs, waar de klassen niet eens zo veel kleiner zijn en waar veel externaliserend gedrag niet bevorderlijk is voor het gevoel van veiligheid van de kwetsbare leerling.
Kinderen ontwikkelen zich niet allemaal in hetzelfde tempo. Zelfs één kind kan verschillende mentale leeftijden hebben voor verschillende vaardigheden. Als ze de juiste hulp krijgen die aansluit bij hun zone van naaste ontwikkeling op dat moment, kunnen ook zij zich op den duur ontwikkelen tot volwaardige deelnemers aan de maatschappij. Die periode van achterstand inhalen kan duren tot en met de jongvolwassenheid.
Hoogbegaafdheid, autisme, ADHD, etc verdwijnt niet zomaar na een tijdelijke ondersteuning, net zomin als een invalide weer gaat lopen. Ondersteuning hierin is soms lange tijd nodig. Het kan wel zijn dat een kind er beter mee leert om te gaan, maar het moet mogelijk zijn om meerdere jaren dezelfde soort ondersteuning te krijgen.
Wij horen ook verhalen van minder grote klassen, waar geen ondersteuning geboden wordt. Maar wij zijn het ermee eens dat kleinere klassen beter zijn, zie bijvoorbeeld dit pleidooi voor kleine klassen.
Het gebeurt ook vaak dat het niet passend onderwijs juist de bijkomende problemen veroorzaakt hebben. Schooltrauma komt vaker voor dan gedacht wordt. En hoe langer je wacht met weer naar school gaan met de juiste ondersteuning, hoe groter de achterstand en het gevoel van buitensluiting. Kinderen die in eerste instantie een relatief kleine ondersteuningsbehoefte hebben waar geen goede invulling aan gegeven wordt, ontwikkelen extra problemen die veroorzaakt worden door school. Denk aan de frustratie van het telkens niet kunnen voldoen aan de verwachtingen, de steeds grotere wordende overprikkeling tot een grens bereikt is, vaak gevolgd door een gevoel van falen en uitsluiting. Door het niet-passend onderwijs kunnen de kinderen wel gedrag gaan vertonen wat vervolgens onterecht door het onderwijs als een inherent kindprobleem wordt afgeschilderd. Vergelijk het met een leerkracht die door de werkdruk overspannen raakt, tegen zo iemand ga je toch ook niet zeggen dat die niet geschikt is voor het vak omdat die (complexe) psychische problematiek heeft? Dan ga je toch de omstandigheden waaronder iemand moet werken veranderen? Zo zou je ook de omstandigheden waaronder het kind school moet volgen aan moeten passen, dat is passend onderwijs.